"Loading..."

Schoolse schrijfsels

Lille Local

In de maand december wordt het leven steevast drukker. De feestdagen komen eraan, voorbereidingen worden getroffen, ... Voor ons het perfecte moment om tot rust te komen én tegelijk onze horizonten te verruimen. Daarom trokken we de grens over naar Lille, in het noorden van Frankrijk, waar we ons lieten onderdompelen in de geneugten van de Franse cultuur: lekker eten, een bijzondere geschiedenis, maar vooral... goed gezelschap!

Er is geen betere manier om een andere cultuur te ontdekken dan jezelf er helemaal in onder te dompelen. Hiervoor moet je al lang geen uitwisseling meer doen, of een lange uitgebreide reis ondernemen. Een nieuwe cultuur ontdekken kan ook simpelweg tijdens een weekendje weg, op een dichtbij bestemming. We hebben het dan ook echt niet ver gezocht: net de grens over, ten zuiden van Kortrijk, ligt de prachtige Frans­Vlaamse stad Lille, ook wel Rijsel genoemd. Je bent er misschien wel al eens gepasseerd, met de Eurostar bijvoorbeeld, als laatste stop voor je onder water gaat. De volgende keer stap je beter eens uit, in plaats van door te reizen naar Londen. Ze praten er ook Engels, het is minder ver, de bevolking is erg vriendelijk, en je kan er met euro’s betalen. Kortom, Lille is een absolute aanrader.

Asterix & Obelix

Omdat we al verschillende citytrips al turend op ons stadsplan en verdiepend in onze stadsgids doorgebracht hebben, besloten we deze keer om het over een andere boeg te gooien. We wilden Lille beleven, niet als toeristen, maar als locals. Om die reden kozen we er ook voor om niet op hotel te gaan, maar om te verblijven bij echte Lilloises. Via Airbnb kwamen we zo terecht bij het jonge koppeltje Romane en Simon (beiden 22). Al vijf jaar wonen ze in een gezellig appartementje op de Boulevard Vauban, in het westen van de Franse metropool. Toen ik Romane liet weten hoe laat we aankwamen, stond ze erop om ons op te halen aan het station. De manier waarop ze ons verwelkomt, blijkt de toon te zetten voor de rest van het weekend. Fransen nors en hautain? Niets van gemerkt, Romane staat erop om ons de full Lille experience te geven, hoeveel moeite en energie het haar ook kost. Ook de andere inwoners bewijzen dat Lille een toeristvriendelijke stad is. Wie de neiging heeft om Frankrijk te vermijden omwille van de taal, moet maar eens naar Lille gaan. Je hebt nog maar één woord in het Engels uitgesproken en ze schakelen probleemloos over. En als ze de exacte vertaling niet weten, dan vinden ze wel een creatieve oplossing: “Le sanglier? You know Asterix & Obelix? It’s what Obelix likes to eat!”

Van alle markten thuis

Gedurende twee dagen neemt Romane ons mee naar alle bijzondere plekjes in Lille. Te voet, want zo doet zij het ook. We stoppen onderweg op toeristische, maar ook op niet­toeristische plaatsen, en dat is meteen het mooie aan een local als gids: je komt op plaatsen waar je anders helemaal niet zou komen. Een voorbeeld hiervan is het lokale marktje in Wazemmes, waar je – in ware Boqueria­stijl (de overdekte markt in Barcelona) – elke zondag terecht kan voor verse producten. Ook de universiteit, door wiens authentieke façade je je in een Harry Potter­film waant, en het Palais Rameau, op het moment van ons bezoek herschapen tot brocantenmarktje, zijn enkele van de verborgen parels die we tijdens onze tweedaagse ontdekten.

Een andere aanrader, die dan weer heel toeristisch is, maar daarom niet minder indrukwekkend, is het oude stadsgedeelte, plaatselijk gekend als Vieux Lille. Nergens anders in Lille komt de geschiedenis zo naar boven dan in het historische stadscentrum. Via kleine steegjes met middeleeuwse huisjes, over de monumentale neogotische kathedraal Notre­Dame de Treille tot het Theaterplein, overal kom je ogen te kort. Vanop dat laatste wandelen we door la Vieille Bourse, ongetwijfeld het mooiste gebouw van Lille. Elke dag (behalve op maandag) kan je op het binnenplein onder andere oude strips, boeken en spelletjes kopen. Via de oude beurs gaat het tot slot naar de Grand Place, ofte de Place du General de Gaulle, tevens de meest bekende inwoner van Lille. Zijn geboortehuis is dan ook een van de toeristische trekpleisters.

Een gezellig weekendje weg, Lille blijkt hiervoor de ideale bestemming te zijn. Toch is er één periode waarin de stad net dat tikkeltje meer heeft, namelijk de kerstperiode. Van 18 november tot 30 december straalt Lille van levensvreugde en verwelkomt het iedereen in een magische kerstsfeer. De toegangscontrole – sinds de aanslagen in Parijs iets wat jammer genoeg vrijwel overal gebeurt, zo vertelt Romane ons – kan de pret niet bederven en al snel ontdekken we wat de 81 feeërieke kraampjes te bieden hebben. Voor zij die nog op zoek zijn naar een geschikt kerstcadeau, op de Place Rihour – trouwens een prachtig voorbeeld van Vlaamse architectuur in Lille – vind je in ieder geval je ding. Van handgemaakte accessoires over vintage speelgoed tot artisanale lekkerheden, er is voor ieder wat wils. Bovendien vind je er niet alleen specialiteiten uit de streek; van heinde en verre zijn de standuitbaters gekomen, zo blijkt als we plots een kraampje met Canadese kleding aantreffen. Ook Russen en Polen proberen hun ambachtelijke producten aan de man te brengen. Wie van al dat shoppen dorst krijgt, vindt al snel gading bij de talloze glühwein kraampjes, al wordt dat in het Frans natuurlijk het minder idyllisch klinkende vin chaud. En om de honger te stillen, heb je keuze uit een groot aanbod: wafels met gekke vullingen, zoals koffie of rum, pain perdu, gekarameliseerde appels, ... Alleen al voor het eten is de kerstmarkt dus vast en zeker een bezoekje waard.

Wist je dat?

Een gedeelde geschiedenis

Lille, bij ons ook wel gekend als Rijsel, bevindt zich net over de grens, op nog geen 25 kilometer van Kortrijk. Lille is niet alleen de hoofdstad van FransVlaanderen, maar ook van de – sinds 1 januari 2016 – samengevoegde regio Nord­Pas­de­CalaisPicardië, ook wel Hauts­de­France genoemd. Een hele mondvol dus, en tevens een aanwijzing dat een bezoek aan deze stad meer dan de moeite waard is. Bovendien voelt de stad omwille van haar geschiedenis heel vertrouwd aan. In de 11de eeuw werd de stad namelijk gesticht door de toenmalige graaf van Vlaanderen, Boudewijn V, op een eilandje in de Deule­rivier. Deze rivier staat trouwens aan de oorsprong van de twee heel verschillende namen in het Frans en het Nederlands: in het Frans werd het eilandje L’île (en later dus Lille) genoemd, in het Nederlands werd dat Ter IJssel (en later Rijsel). Ondanks het verschil in naam, zijn beide roots in de stad heel sterk aanwezig. In het oude stadsgedeelte, Vieux Lille, merk je meteen de Vlaamse invloeden in de architectuur op. De Grand Place, samen met haar middeleeuwse steegjes en bakstenen rijhuizen en trapgevels, doet enorm denken aan de Grote Markt in Brussel of Antwerpen. Ook de Kamer van Koophandel en het bijhorende Belfort kan de Vlaamse invloed niet verbergen. Toch is het ook niet ver zoeken naar voorbeelden van Franse architecturale hoogstandjes. Einde 17de eeuw werd de stad dan ook voorgoed Frans, op enkele mislukte staatsgrepen na. Ook de Franse invloed is vanaf dan erg zichtbaar. Vlak naast de Kamer van Koophandel bevindt zich bijvoorbeeld de Opera van Lille, een neo­classistisch gebouw uit de 20e eeuw, die met haar voorgevel zeer sterk herinnert aan de Opera van Parijs. Nog voorbeelden zijn de zeer brede lanen, de Place de la Republique, en tot slot – hoe kan het ook anders – de Porte de Paris.

Zeker de moeite!

Op de weg van het station naar Romane’s appartement bemerken we de brede lanen, die, zo leert de geschiedenis, typisch Frans zijn. We bevinden ons wel nog vlakbij België, toch duidt dit aan dat we wel degelijk in het buitenland zijn. En dan kunnen we niets beters doen dan de plaatselijke keuken uitproberen! Wanneer we aankomen op onze verblijfplaats, is het al laat en stelt Romane voor om een typische plat lillois te maken: Welsh. Ook al zou je bij de naam eerder denken aan een gerecht uit Wales, is het daar alomtegenwoordig. Het gerecht combineert brood, ham, kaas, bier en spiegeleieren. Op de ingrediënten afgaand, heeft het een beetje weg van een croque madam, maar de smaak is helemaal verschillend en absoluut het proberen waard.

Culinaire hoogstandjes

Andere specialiteiten die je zeker moet proberen zijn poulet au maroilles – een heerlijke kippenschotel bereid met een streekkaas, Maroilles – en het Ch’ti bier – al is het voor ons Belgen uiteraard moeilijk om iets te vinden dat tipt aan ons cultureel erfgoed. Voor deze en andere streekproducten kan je terecht bij Estaminet Chez La Veille (60 Rue de Gand), een brasserie gelegen in het oude stadsgedeelte. De talloze antieke spulletjes aan de muren, het oude servies, de klassieke muziek, ... in de herberg krijg je het gevoel dat je een eeuw terug in de tijd bent gekatapulteerd. Voor zij die het liever wat moderner hebben, is hamburgerrestaurant Mother (29 Boulevard Jean­Baptiste Lebas) een echte aanrader. Geen klassieke McDonalds­stijl hamburgers, maar experimentele broodjes met gekke vleessoorten – de burger van de maand was met everzwijn! – gecombineerd met verse groentjes en verrukkelijke pommes frites. Wie al dat lekkers graag wil verteren aan de hand van een drankje, kan hiervoor terecht bij Gare Saint­Sauveur (17 Boulevard Jean­Baptiste Lebas). Dit imposante oude goederenstation werd omgetoverd tot bar en expositieruimte. In de bar, waar de authenticiteit van het station enorm goed bewaard gebleven is, kan je niet enkel genieten van een drankje, maar ook van heel wat livemuziek.

Een shopparadijs

Dat Lille veel te bieden heeft, is onderhand wel duidelijk. Architectuurliefhebbers kunnen zich blindstaren op de talrijke Franse en Vlaamse invloeden die Lille zodanig kenmerken. Zij die het eerder van de gastronomie moeten hebben, kunnen er terecht in talloze authentieke estaminets of juist hippe trendy restaurantjes. En ook voor de shoppers onder ons is Lille het paradijs: met een ultramodern shoppingcenter (Euralille, gelegen vlak aan Lille­Europe en Lille­Flandres), ontelbaar vele boetiekjes en ook grote Parijse warenhuizen zoals bijvoorbeeld Printemps, ontbreekt het in Lille niet aan plaatsen waar ze maar al te graag je bankkaart in handen krijgen.

Nog even dit!

Hoe er geraken?

Dat Lille eigenlijk echt vlakbij ligt, hebben we bij ons vertrek aan den lijve ondervonden. Een halfuur na het opstappen in Brussel­Zuid stonden we plots al met onze voeten op de grond in Lille­Europe. Voor zij die geen fan zijn van de TGV zijn er ook intercity­treinen die je zo kan nemen vanuit Gent of Antwerpen. Deze rijden met enkele tussenstops naar Lille­Flandres, het station waar lokale treinen toekomen. Beide stations liggen op wandelafstand van elkaar, en van het stadscentrum. Lille beschikt bovendien over een erg uitgebreid en gemakkelijk te gebruiken metronetwerk. Een single ticket kost 1,60 euro, terwijl een pas voor drie dagen 8,70 euro kost. Metroticketjes kunnen op meer dan 200 locaties verkregen worden. Voor zij die het graag sportief houden, zorgt V’Lille voor een goed alternatief: op verscheidene plaatsen in de stad vind je namelijk felrode huurfietsen. Deze zijn niet alleen erg populair onder de plaatselijke bevolking, ook toeristen vinden dit een aangename manier om zich door de straten van Lille te bewegen. Voor €1,60 huur je een fiets voor een halfuurtje, na afloop lever je hem terug af in een fietsstation naar keuze.

Share:
Gesprek laden