"Loading..."

Schoolse schrijfsels

“Brit, Nederlander of Belg? Ik ben gewoon Europeaan.”

Tal van internationale studenten vinden jaarlijks hun weg naar Leuven om er, in het kader van hun opleiding, buitenlandse ervaring op te doen. Zo ook de Britse Sam, die op zijn 18 jaar ervoor koos om helemaal alleen naar België te verhuizen. Toch is zijn verhaal uniek: Sam verhuisde niet in het kader van Erasmus of een ander uitwisselingsprogramma naar Leuven, maar wel om de hele opleiding (bachelor en master) aan de KU Leuven te volgen. Van het grote Engeland naar het kleine België, het avontuur schrikt Sam duidelijk niet af: “Ik ga al eens graag tegen de stroom in. En bovendien wilde ik van het eiland af.”

Maar hoe komt een Brit dan in België terecht? “Het is eigenlijk toevallig gekomen”, vertelt hij op onze afspraak in hartje Leuven. “Ik was een keer in Leuven met mijn waterpoloploeg. Toen hebben we vooral het nachtleven ervaren (lacht). Maar ik vond het hier erg fijn, en toen mijn vader zei dat ze hier een goede universiteit hadden, is de bal aan het rollen geraakt.” Sam bekent dat het eigenlijk als grap begonnen is: “Ik zei tegen iedereen dat ik in België ging studeren, zelfs tegen mijn leerkrachten, met de bedoeling hen te choqueren. Uiteindelijk was er geen weg meer terug.” Gelukkig ontdekte hij al snel dat de KU Leuven heel hoog stond aangeschreven, en in het bijzonder voor de opleiding die hem interesseerde, namelijk chemie. Dat het onderwijs in België relatief goedkoop is vergeleken met andere landen, en dan Engeland in het bijzonder, heeft ook een grote rol gespeeld: “Ik was geaccepteerd aan drie universiteiten maar die waren allemaal duurder. Zo was de keuze snel gemaakt.” De Belg Toen Sam drie jaar geleden het kanaal overstak, was het gelukkig niet allemaal onbekend terrein voor hem: zijn vader is namelijk afkomstig van Nederland. Sam heeft dan ook de dubbele nationaliteit BritsNederlands. Met roots in Nederland had hij dus eigenlijk even goed bij onze noorderburen kunnen terechtkomen. “Dat is eigenlijk nooit een optie geweest,” zo vertelt hij, “want dat was nog te dicht bij mijn familie. Ik wilde echt losbreken en zelfstandig worden. Had ik in Nederland gestudeerd, dan hadden mijn grootouders dagelijks aan mijn deur gestaan.”

Ondanks zijn dubbele nationaliteit, werd Sam niet tweetalig opgevoed: “Mijn vader praat altijd Nederlands tegen mij, maar ik was als kind vrij koppig en bleef volharden in het Engels. Nu nog steeds eigenlijk... Hij vindt dat niet zo fijn.” Aangezien Sam me al de hele tijd in quasi foutloos Nederlands te woord staat, reageer ik dan ook verbaasd: “Dus je Nederlands is echt pas op punt geraakt door hier te studeren?” “Absoluut,” antwoordt hij, “de eerste week dat ik hier was, had ik een test Nederlands. Ik weet de exacte score niet meer, maar het was echt heel laag.” Een tweede taal leren is ook meteen datgene wat Sam het voornaamste vindt aan dit hele avontuur: “Ik kan nu vlot Nederlands spreken. Al vindt mijn Nederlandse familie dat ik Vlaams spreek. Ze plagen me er zelfs mee en noemen me ‘de Belg’ wanneer ik op bezoek ga.” Al kan het volgens hem nog erger: “Amai gebruik ik niet. Als ik dat deed, dan zou ik zwaar gepest worden, dus dat heb ik bewust afgehouden. Voor de rest gebruik ik wel typische Vlaamse woorden, zoals sebiet, sjakos, chauffage, pintje. Mijn Nederlandse neefje en nichtje vinden het geweldig om dat te leren!”

Toch is het niet allemaal rozengeur en maneschijn geweest, aangezien de taalbarrière hem in het begin heel erg parten heeft gespeeld. “Ik kon de mensen wel verstaan, maar ik kon mezelf helemaal niet goed uitdrukken.” Al moeten we dat verstaan wel met een korreltje zout nemen: toen Sam de allereerste week op kot een praatje probeerde te slaan met een kotgenoot, en hij hem vroeg waar hij ging winkelen, antwoordde deze: “In den Aldi.” Sam verstond echter Naldi, en ging zo weken tevergeefs op zoek naar een winkel die niet bestond.

Zijn eerste jaar in Leuven herinnert Sam zich voornamelijk als een eenzaam jaar: “Ik kende niemand en vond het moeilijk om nieuwe vrienden te maken, juist omdat ik de taal niet goed beheerste.” Bijgevolg vindt hij dat hij een atypische eerstejaars is geweest: “Ik was niet mee met alle sociale zaken. Ik wist bijvoorbeeld gewoonweg niet wat een TD was. Ik was wel gedoopt bij mijn studentenvereniging maar ik begreep eigenlijk niet wat dit allemaal inhield.” Daar is gelukkig verandering in gekomen toen Sam besliste om lid te worden van het waterpoloteam van de KU Leuven: “Dat heeft me enorm geholpen bij mijn acclimatisering.” Ook in zijn richting begon hij nieuwe vrienden te maken, maar dat waren voornamelijk meisjes: “Zij namen meteen de moederrol op zich. Ze beseften dat ik alleen was en wilden me dan bij alles betrekken.”

Met het gat in de boter

Dat hij veel geluk heeft gehad met de vrienden die hij heeft gemaakt, weet hij maar al te goed. “Uiteindelijk weet je niet waar je als internationale student terechtkomt, maar ik ben op mijn tweede kot echt wel met mijn gat in de boter gevallen. Sommige koten zijn helemaal niet sociaal maar dit was echt belachelijk sociaal. Iedereen zocht elkaar op, er werd samen gekookt en gegeten.” Al snel raakte Sam vertrouwd met de Belgische kotgewoontes, alleen met één ding heeft hij het nog steeds moeilijk: “Waarom gaan jullie in het weekend naar huis?! In Engeland zijn dit juist de leukste dagen. Je kan dan met iedereen socializen, je kan samen leuke dingen doen, zoals wandelen, fietsen of uitgaan. Bij ons gebeurt het uitgaan dus voornamelijk in het weekend. Als dat hier ook zo was, dan zou ik naar meer lessen kunnen gaan (lacht).” In zijn eerste jaar kon het hem niet zo veel schelen omdat hij toch niemand kende: “Nu is dat anders, ik kan me soms echt eenzaam voelen tijdens het weekend en dat word ik stilletjes aan beu.”

Hoe belangrijk goede vrienden hebben wel niet is, besefte Sam in januari 2015 toen zijn opa in Engeland kwam te overlijden. “Het was een heel moeilijke periode. Ik zat midden in mijn examens en ik wist gewoon niet wat ik moest doen. Mijn familie zocht steun bij elkaar, maar ikzelf kon er omwille van de afstand voor niemand zijn en niemand kon er voor mij zijn.” Wanneer er iemand doorheen het academiejaar komt te overlijden, twijfelt Sam niet om naar huis te keren. Maar nu, omwille van zijn examens, stond hij voor een erg lastige keuze. Uiteindelijk besloot hij om niet naar Engeland te gaan: “Ik vond het beter om triest in de bib te zitten en toch nog wat te studeren, dan triest in Engeland te zitten en mijn examens te missen.” In deze emotionele periode kon Sam rekenen op heel wat steun van zijn vrienden: “Zij hebben me er echt doorheen geholpen. Uiteindelijk was ik zelfs maar op een van de vijf examens gebuisd.”

Op zulke momenten is de heimwee naar thuis het grootst, bevestigt Sam. Toch heeft hij daar over het algemeen niet zoveel last van: “In het eerste jaar wilde ik continu terug naar huis. Toen belde ik mijn ouders om de paar dagen. Nu is dat om de paar maanden.” Dat Sam zich hier heel erg thuis voelt, is duidelijk: “Soms kijk ik er zelfs niet naar uit om terug naar Engeland te gaan. Vorige zomer ben ik er zelfs maar twee weken geweest.” Er moet toch iets zijn wat hij mist? “Het meest logische antwoord is vrienden en familie. Maar ondertussen heb ik hier ook al zeer goede vrienden, en zit mijn familie inmiddels verspreid over heel Europa. Wat ik momenteel het meeste mis, is Engeland zelf. Ik moet maar vijf minuten wandelen en ik ben volledig omgeven door de natuur. Dat kan ik hier niet doen.”

Maar er zijn ook dingen die Sam hier wel weet te appreciëren: “Ik vind dat jullie een aangename levensstijl hebben. Jullie gaan naar een eigen bakker, een eigen café, een eigen slager, ... Dat zijn allemaal zaken die niet van een keten zijn. Jullie doen niet al jullie boodschappen in eenzelfde winkel.” Ook de rust en de vriendelijke mensen hier kunnen hem bekoren: “Iedereen is heel erg behulpzaam, ze willen allemaal helpen. Ik weet dat als ik iets nodig heb, ik het kan vragen.”

Multiculturele samenleving

Van een klein stadje nabij Oxford naar Leuven, Sam doet er ongeveer vijf uur over. Al bij al een korte afstand, maar was er dan ook geen cultuurschok? “Goh, niet echt. Er zijn niet zoveel verschillen tussen mijn thuisstad en hier. Mensen onderschatten soms echt hoe groot Engeland is. De eventuele cultuurschok hangt er dan ook van af waar je zit in Engeland.” Bovendien is het in contact komen met een andere cultuur niets nieuws voor Sam: “In Londen is meer dan de helft van de inwoners van buitenlandse afkomst. Dat is een heel andere wereld dan hier. Ik zit bijvoorbeeld met geen enkele andere buitenlander in de les, zelfs geen Erasmus-student. In Engeland is dit anders, omwille van de taal: mensen in China, Indië, ... leren allemaal Engels en kunnen dan bij ons komen studeren. Zo heeft Engeland een erg multiculturele samenleving. In België is dat ook wel, maar hier in Leuven minder. Dat komt omdat het zo’n studentenstad is. Als je buiten die studentenwereld treedt, en naar de Lidl gaat, bijvoorbeeld, zie je dat wel weer opduiken. Mensen hier vinden dat niet fijn, maar ik net wel.”

De verloren zoon

Vorig jaar behaalde Sam zijn bachelor chemie, nu is hij bijna halverwege zijn masteropleiding. Het eerste semester dat ten einde loopt, betekent ook dat hij over enkele weken weer de oversteek maakt en huiswaarts keert. Sam brengt jaarlijks thuis de feestdagen door: “Ik heb het geluk dat ik op vijf uur thuis kan staan. Als ik bijvoorbeeld in Indië studeerde, zou het niet zo makkelijk zijn. Ik zou niet weten wat ik zou doen als ik niet naar huis kan gaan voor Kerstmis en Nieuwjaar.” Sam kijkt er dan ook naar uit om samen met zijn familie te vieren, maar nog meer geniet hij van het verrassingselement: “Ik zeg nooit wanneer ik ga aankomen. Ik wandel dus gewoon het huis binnen en verras ze. Een keer zei ik zelfs dat ik pas de 23ste zou toekomen, maar toen stond ik er al een week vroeger. Dat hadden ze natuurlijk echt niet verwacht.”

Ondanks de lange tijd van huis zijn, de heimwee en de eenzaamheid, is het voor Sam tot nu toe al een fantastische ervaring geweest. Op de vijf jaar die Sam in België zal doorgebracht hebben, zal hij enorm veel geleerd hebben. “Je steekt veel meer op dan je normaal gezien zou doen. Je leert zelfstandig en onafhankelijk. Kortom, je wordt heel erg snel volwassen.” Is dat dan iets positiefs? “Absoluut, het is een goede basis voor als je later gaat werken en echt alleen gaat wonen. Sommige studenten krijgen nog voor elke dag een potje eten mee, en nemen in het weekend de was mee naar huis. Dat is niet de beste manier om je voor te bereiden op de toekomst.” Bovenop die verworven vaardigheden heeft Sam al erg genoten van de kennismaking met België: “Het is echt een heel fijn land. De mensen hier beseffen dat precies niet altijd.” Als ik hem vraag of die liefde voor België zich vertaald heeft in het overnemen van enkele gewoontes, zegt hij spontaan: “De koers! Dat is iets typisch Vlaams, iedereen volgt dat. Het is moeilijk te ontwijken, dus ben ik er maar in mee gegaan. Ik heb me een koersfiets aangeschaft en ben zelf beginnen fietsen.”

De rustige levensstijl, de taal die hij perfect beheerst, de vriendelijke mensen, ... Met zulke eigenschappen wil hij hier toch blijven na zijn studies? “Niet direct eigenlijk. Ik ga hier vijf jaar gewoond hebben op het einde van mijn studies, dan is het tijd voor iets anders.” De dubbele nationaliteit BritsNederlands, vijf jaar in België spenderen, welke nationaliteit past nu uiteindelijk het best bij hem? “Binnen twee jaar mag ik Belgisch burgerschap aanvragen. Maar ik ben daar eigenlijk niet zo mee bezig. Als ik een nationaliteit moet elimineren, dan zal ik de minst handige kiezen.” Echt een nationaliteitsgevoel heeft hij dan ook niet: “Ik woon hier nu drie jaar, en ben in die tijd niet langer dan twee weken in Engeland of Nederland geweest. Ik voel me dus geen Brit of Nederlander, maar ook zeker nog geen Belg. Ik voel me simpelweg een Europeaan.” Ook bij sportwedstrijden komt het patriottisme niet naar boven: “Ik moedig zowel de Rode Duivels als de Engelsen aan.” Ik probeer hem toch te laten kiezen, door zich het partijtje Engeland-België in te beelden. “Die vraag wordt me elk jaar gesteld. Dan antwoord ik gewoon dat het me niet kan schelen, ik kan toch altijd voor de winnaar supporteren dan.” Maar wat als het nu de finale van het EK of WK is? “Dan zou ik kiezen voor het land waarin ik me bevind, voor de sfeer te kunnen meemaken.” Hij wil dus duidelijk geen voorkeur uitspreken, maar het feit dat hij toch niet resoluut voor Engeland kiest, betekent al veel: Sam heeft in Leuven een nieuwe thuis gevonden, ook al is het dan maar tijdelijk.

Share:
Gesprek laden